Regels en Procedures

Hier vindt u een selectie van de regelgeving die de opleiding relevant acht voor aankomende aios en opleiders.

Deze selectie is afgeleid van:

Inhoud

  1. Algemene regels
  2. De aios als werknemer
  3. Vrijstellingen
  4. Diensten
  5. Toetsing en beoordeling
  6. Verlof
  7. Zwangerschap
  8. Ouderschapsverlof en deeltijdwerken
  9. Toewijzen stageplaatsen (koppelprocedure)

1.Algemene regels

Voor de aios:

De aios moet bij de start van de opleiding als arts ingeschreven staan in het BIG-register. Solliciteren zonder registratie is dus mogelijk, mits de registratie op de startdatum een feit is.

De aios wordt ingeschreven in het opleidingsregister van de RGS en sluit een opleidingsovereenkomst met de huisartsopleiding.

De aios heeft als arts een eigen verantwoordelijkheid betreffende de patiëntenzorg en raadpleegt indien nodig de opleider. De aios neemt deel aan de gebruikelijke werkzaamheden in de praktijk en diensten op de huisartsenpost. De zelfstandigheid neemt toe naarmate de aios langer in opleiding is.

De aios valt onder de Wet Klachtrecht. De aios werkt onder supervisie van de opleider (zorgaanbieder WGBO). Bij de behandeling van een klacht wordt de opleider betrokken en het hoofd van de huisartsopleiding geïnformeerd.

Voor de opleider:

Een opleider sluit een overeenkomst met de huisartsopleiding. Hierin zijn alle eisen en voorwaarden opgenomen die gelden bij het opleiden van aios tot huisarts. Een opleider kan pas opleiden wanneer deze door de RGS is erkend en daarmee voldoet aan de eisen van het opleiderschap. Voor informatie over de eisen en voorwaarden kunt u contact opnemen met de Marieke Kools, opleiderscoördinator, 043-3882089.

Elke opleider doorloopt het opleiderscurriculum, bestaande uit didactische en medische trainingen ten dienste van het opleiderschap.

Wanneer een opleider niet kan opleiden draagt hij onmiddellijk zorg voor een waarnemer. Een waarnemer kan maximaal 4 aaneengesloten kalenderweken de taken van een opleider overnemen.

^ terug naar boven

2. De aios als werknemer

De aios sluit een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd (duur van de opleidingstijd) met de Stichting Beroeps Opleiding Huisartsen (SBOH), waarin de arbeidsvoorwaarden conform de CAO voor aios zijn vastgelegd. Zaken zoals salaris, vakantiedagen, werktijden, deeltijdwerken staan hierin beschreven.
De SBOH is gevestigd in Utrecht, tel. 030-2823444 en de opleiding voert een aantal taken uit als verlengde arm van de werkgever. Het aanvragen van deeltijdwerken en ouderschapsverlof verloopt via de huisartsopleiding, die deze vervolgens doorspeelt naar de werkgever in verband met de arbeidsrechtelijke gevolgen.

Aios hebben standaard een werkweek van 38 uur (=100%) uur, bestaande uit 6,5 uur onderwijs bij de huisartsopleiding (terugkomdag) en 31,5 uur praktijkonderwijs.

^ terug naar boven

3. Vrijstellingen

Alle actuele informatie over vrijstellingen is te lezen op de website van Huisartsopleiding Nederland.

Indien er vragen zijn en u wilt liever iemand van de opleiding in Maastricht spreken, neem dan gerust contact op met ons.

^ terug naar boven

4. Diensten

Aios nemen tijdens de opleiding deel aan de diensten van de huisartsopleider op de huisartsenpost. In de brochure 'Aios op de huisartsenpost, leidraad voor het leren dienstdoen' zijn de inhoud (onderwijsdoelen), verantwoordelijkheden van de 'spelers' en voorzieningen op de huisartsenpost beschreven.

Een aios doet minimaal 20 diensten op jaarbasis. De dienst maakt deel uit van de 38-urige werkweek. De uren gemaakt tijdens de dienst worden gecompenseerd (6 uur dienst is 6 uur compensatie).

^ terug naar boven

5. Toetsing en beoordeling

De aios doorloopt tijdens de opleiding het zogenaamde “protocol toetsing en beoordeling”. Toetsing staat voor het meten van een bepaald aspect van het kennen en kunnen. Beoordeling staat voor het waarderen door het toepassen van een norm op de gevonden resultaten. De aios wordt op vaste momenten getoetst en beoordeeld. De gehanteerde toetsinstrumenten bestaan o.a. uit:

  • de Landelijke Huisartsgeneeskundige Kennistoets die tweemaal per jaar wordt afgenomen.
  • de ComBellijst (competentie beoordelingslijst). Deze onderbouwt het expert-oordeel van de docent en huisartsopleiders aan de hand van de 7 competentiegebieden uit het competentieprofiel van de huisarts.
  • de videotoets, waarbij de aios aan de hand van consulten door getrainde observatoren wordt gescoord met vermelding van specifieke aandachtspunten als arts-patiëntcommunicatie en het medisch-inhoudelijk handelen.

Aanvullende toetsing op maat kan worden ingezet indien het hoofd dit nodig acht.

Het hoofd van de opleiding heeft de bevoegdheid om van het protocol toetsing en beoordeling af te wijken in bijzondere situaties. Het hoofd heeft tevens de bevoegdheid om de opleidingsovereenkomst van een aios eenzijdig op te zeggen vanwege onopleidbaarheid (onvoldoende groeipotentie) of andere zwaarwichtige redenen.

^ terug naar boven

6. Verlof

Bij een voltijds dienstverband heeft een aios recht op 228 vakantie-uren per kalenderjaar
Het opnemen van vakantie-uren geschiedt in overleg met de (huisarts)opleider en het opleidingsinstituut (begeleiders aios). De aios volgt zoveel mogelijk de vakantieplanning van de praktijk. Is een praktijk 3 weken gesloten dan bevelen wij aan die weken vakantie te nemen.
De (huisarts)opleider registreert het aantal opgenomen vakantie-uren. Vakantie-uren kunnen niet worden meegenomen naar volgende opleidingsjaren.

Aios kunnen verlof opnemen tijdens terugkomdagen, mits zij minimaal 40 terugkomdagen per opleidingsjaar volgen.

Er zijn een aantal “beschermde periodes” in de opleiding waarbij de aios en de opleider aanwezig c.q. beschikbaar worden geacht. Vooral opleiders die solist zijn zullen extra attent moeten zijn op deze beschermde periodes. In groepspraktijken zal een collega-opleider kunnen waarnemen voor de opleider.
Beschermde periodes zijn:

  • tijdens de eerste 4 weken van de opleiding in het eerste jaar (introductieperiode)
  • de eerste week van het psychische en chronische blok in jaar 2
  • tijdens een week in Jaar 1 en een week in Jaar 2, de zogeheten Startclass (klinische vaardigheden)
  • de eerste 2 weken van jaar 3
  • op terugkomdagen waarop de kennistoets valt (2x per jaar in april en oktober)
  • de Evaluatie-Terugkomdag
  • reanimatietraining (vanwege certificaat)

^ terug naar boven

7. Zwangerschap

In de CAO is opgenomen waar een zwangere aios rekening mee moet houden als werknemer.
De aios dient een originele zwangerschapsverklaring van de verloskundige in bij de SBOH en een kopie bij het opleidingsinstituut. De aios bekijkt samen met de begeleiders en/of de medewerker studentzaken de gevolgen voor het individuele opleidingsschema (IOS). Afhankelijk van het moment van het zwangerschapsverlof kan de aios worden ingedeeld in een andere groep of worden overgeplaatst naar een andere (huisarts)opleider.

^ terug naar boven

8. Ouderschapsverlof en deeltijdwerken

Een aios heeft recht op ouderschapsverlof wanneer hij of zij een jaar in dienst is en een kind jonger dan 8 jaar verzorgt. Bij een fulltime dienstverband heeft een aios recht op maximaal 988 uur. Ouderschapsverlof kan fulltime worden opgenomen. Bij het opnemen van ouderschapsverlof blijft het dienstverband intact. Het ouderschapsverlof is onbetaald verlof.
Iedereen kan vanaf de start van de opleiding in deeltijd werken. Bij deeltijdwerken wordt de arbeidsovereenkomst teruggebracht naar het (aantal gewerkte uren + 6,5 uur terugkomdagonderwijs)/38 uur * 100% = parttime percentage.

Zowel bij ouderschapsverlof als bij parttime werken zal het aantal “in te halen” uren naar rato moeten worden ingevuld. Tijdens de opleidingsperioden in de huisartspraktijk hanteert de opleiding het minimumpercentage van 50%. De strekking van de regel is dat de continuïteit van patiëntcontacten en verantwoordelijkheden anders te zeer in het gedrang komen, 100% Ouderschapsverlof wordt wel toegestaan. Sommige aios kiezen ervoor om bijv. het zwangerschapsverlof als het ware te verlengen met ouderschapsverlof. De gewerkte uren zowel bij het ouderschapsverlof als bij deeltijdwerken moeten zijn verdeeld over 3 praktijkdagen en een terugkomdag. (6,5 uur).

De terugkomdagen worden steeds voltijds (6,5 uur) gevolgd. Een standaard praktijkdag duurt 8,5 uur exclusief pauze.

De aios bekijkt samen met de begeleiders en/of de medewerker studentzaken de gevolgen voor het individuele opleidingsschema (IOS).

^ terug naar boven

9. Toewijzen stageplaatsen (koppelprocedure)

De huisartsopleiding hanteert het zogenaamde duale stelsel van opleiden. Een groot deel van de opleiding wordt in de huisartspraktijk en de kliniek gevolgd en een aanmerkelijk kleiner deel bij het opleidingsinstituut in de vorm van terugkomdagen. Aios worden gekoppeld aan een huisartsopleider of een stageverlener.

De koppeling aan een huisartsopleider of stageopleider (jaar 2) is voor alle partijen een spannend moment. Het is immers een koppeling aan een opleider met wie een aios langere tijd gaat optrekken. Allerlei aspecten spelen een rol, zoals: klikt het, botsen karakters niet, hebben de opleider en de praktijk voldoende te bieden, is er voldoende veiligheid om te leren, is de populatie interessant, kunnen we goede werkafspraken maken? Aios en opleiders hechten verschillende waarde aan al die aspecten en dat maakt het complex. De huisartsopleiding Maastricht besteedt veel aandacht en tijd aan de koppelprocedure, omdat wij ervan overtuigd zijn dat een goede match tussen opleider en aios bijdraagt aan de leercurve die een aios doormaakt.

Huisartsopleiders
Het arsenaal huisartsopleiders en stageopleiders is beperkt. Niet iedere huisarts kan worden ingezet als opleider. Huisartsopleiders moeten door de RGS erkend zijn en een introductieprogramma hebben doorlopen om in aanmerking te komen voor een eerstejaars aios. Het opleidercurriculum is zo opgebouwd dat huisartsopleiders, voor zij mogen starten met een derdejaars aios, minimaal 3 eerstejaars aios moeten hebben opgeleid. Ervaren huisartsopleiders kunnen zowel in jaar 1 als in jaar 3 worden ingezet. Per koppelronde bepaalt de huisartsopleiding welke huisartsopleider in aanmerking komt voor een aios en voor welk jaar. De keuze is afhankelijk van kwaliteit, regio, beschikbaarheid en een evenwichtige verdeling aios (jaar 1-3).

Aios
Het aanbod huisartsopleiders wordt door de huisartsopleiding vastgesteld. Aios kunnen dus niet zelf op zoek gaan naar een geschikte huisarts(opleider). Het komt voor dat een aios vraagt gekoppeld te worden aan een specifieke huisartsopleider en vice versa, bijvoorbeeld omdat de aios de opleider nog kent uit het basiscurriculum, de praktijk bijzonder aanspreekt of omdat het goed klikt enz. Het zou de ultieme koppeling op maat zijn, maar de huisartsopleiding kiest ervoor niet op deze manier te koppelen, omdat de opleiding rekening dient te houden met meerdere belangen. De huisartsopleiding staat garant voor voldoende kwaliteit en diversiteit om de leerdoelen/wensen van elke individuele aios te kunnen realiseren.

Uitvoering koppelprocedure
Jaar 1
Voor de start van jaar 1 wordt twee maal per jaar (in juni en december) gebruik gemaakt van de zogeheten carrouselformule. De carrouselformule bestaat uit 9-14 kennismakingsgesprekken van telkens ongeveer 10 minuten met één van de 9-14 geselecteerde huisartsopleiders. Voor men persoonlijk kennismaakt, worden aiosprofielen (met o.a. hun leerwensen) en huisartsopleidersprofielen uitgewisseld.

Na de carrousel leggen de aios gedurende drie à vier weken minimaal vijf praktijkbezoeken af. De aios en huisartsopleiders dienen daarna hun voorkeurslijst in. De opleiderscoördinator en de coördinator bedrijfsvoering buigen zich over de voorkeurslijsten en trachten een zo optimaal mogelijke koppeling te realiseren. De koppeling wordt vijf à zes weken voor de start van de opleiding bekend gemaakt.

Jaar 2
Opleidingsjaar 2 bestaat conform het opleidingsplan uit een klinische stage (acute zorg) van 26 weken, een chronische zorgstage van 13 weken en een psychische zorgstage van eveneens 13 weken. De huisartsopleiding heeft ervoor gekozen om langjarige samenwerkingsverbanden aan te gaan met stageplaatsen om kwaliteit in begeleiding en inhoud te kunnen garanderen. De stagebegeleiders kunnen doordat zij bekend zijn met aios hun eigen klinische/specialistische invalshoek beter plaatsen naast de huisartsgeneeskundige kijk op zorg.

Net als in jaar 1 en 3 is het streven om op maat te koppelen d.w.z. rekening houdend met eventuele klinische voorervaring, regio, lacunes en dringende persoonlijke omstandigheden en uiteraard op aanwijzing van de beoordeling van jaar 1. In tegenstelling tot de koppelprocedure in jaar 1 en 3 is er geen voorafgaand oriënterend kennismakingsgesprek met de stageopleiders. De stageopleiders ontvangen dus ook geen profielen van aios. Binnen het beschikbare bestand stageplaatsen kunnen aios hun voorkeur aangeven.

Jaar 3
In jaar 3 hebben aios al de nodige voorervaring en nog specifiekere wensen m.n. ten aanzien van regio en type praktijk(populatie). Uitgebreide kennismakingsrondes zijn niet nodig omdat aios goed weten wat zij willen en veel aios bekend zijn met de opleiders in de regio (via collega-aios en diensten op de huisartsenposten). Afhankelijk van het aantal aios (door individuele trajecten en vrijstellingen zijn er meer dan 2 startmomenten) wordt een cohort huisartsopleiders samengesteld. De cohorten bestaan meestal uit 8 tot 10 aios en worden op basis van regio samengesteld (noord, midden en zuid). De aios ontvangen een profiel van de huisartsopleiders en maken op basis van deze informatie afspraken voor een kennismakingsgesprek in de praktijk van de betreffende huisartsopleider. Na deze kennismakingsgesprekken buigen de coördinator bedrijfsvoering en de onderwijscoördinator zich over de voorkeurslijsten van zowel huisartsopleiders als aios en trachten een zo optimaal mogelijke koppeling te realiseren.

^ terug naar boven